het grote boekexperiment

Arawasu ni katsu, winnen zonder vechten

HugoChauveauGevechtskunsten

Op de lerarenopleiding in de jaren ’80 definieerden een aantal docenten de omgang met leerlingen erg duidelijk: scheld ze uit, zet ze voor schut, maar zorg ervoor dat je elk conflict wint.
Ik mag als leraar Houtbewerking om veiligheidsredenen dan wel genoodzaakt zijn om erg strakke lijnen te handhaven, bij die kortetermijnstrategie stelde ik me toch ernstige vragen. Want hoe je het ook wendt of keert, je moet wel voort met elkaar en wat leert een adolescent als hij zo behandeld wordt?

Ik trainde al een tijdje aikijujutsu, aikido en klassiek Japans zwaardvechten, toen ik me realiseerde dat ik de onderliggende principes van deze gevechtstradities moeiteloos kon toepassen in mijn omgang met jongeren en conflicten kon oplossen zonder echt te moeten ‘vechten’. Het toepassen van een aiki-oplossing moet wel aan een aantal voorwaarden voldoen, jongeren moeten ten eerste ontvankelijk zijn voor deze oplossing en ten tweede moet het voor mij een keuze zijn en geen noodzaak. Een conflict mag niet escaleren of zomaar passeren omdat ik schrik zou hebben om de confrontatie met de leerling aan te gaan.

Een van onze basisprincipes is ju no ri, het geen weerstand bieden aan de kracht van de tegenstander. Als leerlingen om gelijk welke reden de controle verliezen en beginnen te roepen, zijn leerkrachten vaak geneigd om terug te roepen. Als de aanval persoonlijk wordt, kan het probleem escaleren, waardoor een oplossing moeilijk wordt. Toen een van mijn leerlingen ettelijke jaren geleden erg boos werd en “f*** you” riep, vroeg ik hem of ik daarvoor naar hem moest komen of dat hij naar mij zou komen. Enkele jaren later sprak hij daar nog over, hij heeft overigens niet meer geroepen.

Een ander belangrijk principe is kiai of gefocuste energie. Fysiek is kiai een kreet, psychisch is het de uiting van spirituele energie. In de martiale context vallen we de psyche van de tegenstander aan omhem mentaal en lichamelijk uit balans te brengen. Om kiai positief te gebruiken, vraag ik aan leerlingen als ze afwezig geweest zijn, altijd naar de reden van hun afwezigheid en zeg ik dat ik blij ben dat ze er terug zijn. Door op hen persoonlijk te focussen en mijn stem te gebruiken als wapen voor bescherming, merken ze dat het voor mij wel degelijk uitmaakt of ze er zijn of niet en dat ze gemist worden. Dit heeft enerzijds een gunstig effect op hun zelfbeeld en leert hen anderzijds ook de verantwoordelijkheid betreffende lessen verzuimen, want ze moeten de reden van hun afwezigheid wel uitleggen.

Het terugsturen van aanvalsenergie zonder gewrichtsmanipulatie of dislocatie noemen we aikinage. Verbaal aikinage houdt in dat ik meega in de redenering van een leerling als die boos komt argumenteren waarom hij – volgens hem – onterecht gestraft is. Wat hij me aanbiedt, wordt mijn kracht, ik verplaats me naar een positie waar ik de aanval kan neutraliseren en terugsturen: eerst mag de leerling zeggen wat hem grieft, dan herhaal ik wat hij zegt en neem zijn argumenten stap voor stap met hem door. Doorgaans komt hij zelf tot de conclusie dat de straf terecht was en dat er geen reden was om boos te worden op mij, aangezien hij zelf voor zijn straf heeft gezorgd. Een straf die overigens dient om gedrag te veranderen en niet om te treiteren.
Ik vertel er zelfs vaak bij dat ik in zijn geval ook hetzelfde uitgespookt zou hebben, sommige dingen zijn nu eenmaal erg leuk als je een puber bent en jongeren moeten per definitie hun grenzen kunnen aftasten… en wij moeten ze bewaken.

Wat wij taisabaki noemen, is een lichaamswending die ervoor zorgt dat we niet in de lijn van de aanval staan. Zelfverdediging is in de eerste plaats ‘je niet in de gevarenzone bevinden’. Door een mentale taisabaki toe te passen hou ik afstand, waardoor ik niet meegezogen word in de emotie van het conflict. Bovendien realiseer ik me dat conflicten voorkomen met ‘de leraar’ en niet met mij als persoon.
In deze context hou ik mijn leerlingen ook steeds voor dat ik, ongeacht onze persoonlijke band, verplicht ben om hen terecht te wijzen als ze over de schreef gaan. Als ze een boete krijgen voor een verkeersovertreding, moeten ze ook niet boos zijn op de agent in kwestie; ze hebben zelf de wet overtreden en moeten daar ook zelf de gevolgen van dragen.

Ik mag hopen dat er sinds de jaren ’80 wat veranderd is en ik vermoed dat het advies van mijn leraars in de huidige opleidingen niet meer zou scoren. Misschien zijn de lerarenopleidingen wel gebaat met een basisopleiding gevechtskunst. Er zou alleszins eleganter ‘gevochten’ worden.

Hugo Chauveau (1964) woont met zijn vrouw en twee kinderen in Deurne, Antwerpen. Hij is sinds 1987 technisch leraar in het Middelbaar Beroepsonderwijs, is Shidosha (leraar) in de oudste zwaardschool van Japan, de Tenshin Shoden Katori Shinto Ryu, heeft vijfde Dan Aikijujutsu en Aikido Yoseikan en is daarnaast erg geïnteresseerd in geschiedenis, filosofie en boeddhisme. tinne.hugo@gmail.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Basic HTML is allowed. Your email address will not be published.

Subscribe to this comment feed via RSS

%d bloggers liken dit: