het grote boekexperiment

Als je vertrouwen geeft, krijg je het ook terug

CatherinePoisonnierEen dieper weten

Het waren de eerste jaren van de datingsites, begin 2002. Ik was bijna drie jaar gescheiden en wist inmiddels wel dat een potentiële nieuwe partner niet aan mijn voordeur zou komen aanbellen. Ik maakte dus een profiel aan en wachtte.
Algauw ging ik aan het mailen met een aantal mannen. Af en toe maakte ik een afspraakje en ging iets drinken met een van hen. Leuke babbels, maar verder niets.

Met een van de mannen ging ik opvallend vaker mailen. De onderwerpen waarover we van gedachten wisselden, werden fundamenteler en de bewoordingen gezochter. Die man kon heel goed schrijven, slaagde erin zijn gevoelens gepunt te verwoorden, bleek een visie te hebben… Stilaan begon het te kriebelen. We zouden elkaar misschien eens in vivo kunnen treffen? Ik kan me onmogelijk herinneren wie de eerste stap zette om elkaar in het echt te ontmoeten, maar ik weet nog wel dat ik het vanzelfsprekend vond mijn gsm-nummer mee te delen.
De keuze viel op my place, dus moest ik ook mijn adres vrijgeven. Ik besteedde de kinderen uit aan de vriendelijke buren en tegen mijn gewoonte in maakte ik me druk over wat ik zou aantrekken. Ik vroeg me af waar al die spanning vandaan kwam. Nooit eerder ging ik zo tekeer in huis om alles pico bello te krijgen. De tijd vorderde in sprongen.

Ik had wel een foto van die man gezien, maar op mijn profielpagina stond geen foto. Ik had net een dieet achter de rug, dus daar draaide het niet om, maar met kleding vertel je veel, druk je iets uit, geef je je eigenlijk behoorlijk bloot. Het parket glansde, er stond een vaas met bloemen, er was uitgelezen belichting en de avond naderde. Twee grote wijnglazen op de salontafel, de uitgezochte cd in de cd-speler en een van mijn betere wijntjes ontkurkt op de salontafel. We hadden afgesproken om 20 uur en het was een pikdonkere avond.

Om klokslag 20 uur rinkelde mijn gsm. Het was R.. Zijn stem klonk warm. Hij praatte zacht. En toen kwamen zijn bijzondere woorden: “Ik heb een voorstel: zet de voordeur op een kier, doof alle lichten en ga in bed liggen. Ik vind de weg wel.” Ik hoorde mezelf ‘ja’ zeggen. De adrenaline stroomde door mijn aderen, ik griste de glazen van de salontafel, knelde de fles wijn onder mijn arm en snelde naar mijn slaapkamer. Ineens was mijn queeste niet meer ‘wat trek ik aan’, maar wel ‘wat trek ik uit’… In mijn lingerie kroop ik onder het donsdeken, doofde alle lichten en hoorde enkel het bonken van mijn hart.

Enkele ogenblikken later viel de voordeur in het slot. Als een volleerde dief vond R. de rechte weg naar mijn kamer. Hij rook lekker, gaf me een kus op mijn wang, nam mijn gezicht tussen zijn twee handen en keek me in het donker recht in de ogen. “Bedankt voor het vertrouwen”, fluisterde hij en vroeg waar hij zijn kleding (hij was in pak) kwijt kon. Ik wees naar de kamerknecht die in de hoek van de kamer stond.
Hij schoof tussen de lakens. Uren hebben we gepraat, in lepeltjeshouding. Het voelde warm, gezellig, intiem en echt. In de volmaakte stilte van de nacht durfde ik me aan hem te geven, iets wat me na een partnerrelatie van vijftien jaar niet zo evident leek. Als er al een tempel der liefde bestaat, dan bevond ik me in het centrum ervan. Het was teder, innig en intens en het voelde heel authentiek aan, totale acceptatie van elkaar, verbinding van hart tot hart, transformatie van gekwetste vogel naar godin.

Vroeg in de ochtend vertrok R. naar zijn werk. Een uur later reed ik naar Leuven waar ik een afspraak had met een klant. Onderweg belde ik een goede vriendin op en vertelde wat er was gebeurd. Eerst lachte ze smakelijk, maar haar gelach sloeg snel over in verbijstering. Hoe ik het in mijn hoofd had gehaald om een vreemde man in mijn huis toe te laten, in het donker, en of ik er ook aan gedacht had dat hij een moordenaar kon zijn, of iemand die me zou mishandelen.

Aangekomen bij mijn klant, had ik een supergoed gesprek. Ik vermoed dat ik innerlijk zo in het reine was met mezelf, dat ik ondanks het gemis aan slaap toch kon functioneren en verbinding kon maken met mijn klant.

Later op de dag belde R. me op. Zijn zachte stem deed me goed. We hebben elkaar nog vijf keer gezien en hebben toch besloten niet verder te gaan. Als kers op de taart heeft hij me vergezeld naar een groot feest en na die avond heeft hij me nog een paar keer gebeld. Ik hou er mooie herinneringen aan over.

Mijn inzicht is vooral dat als je mensen durft te vertrouwen, je ook vertrouwen krijgt. Diep vertrouwen brengt je in een flow, waar een innerlijk weten je vertelt wat goed is.

Catherine Poissonnier (1957) is psycholoog, heeft drie kinderen en is grootmoeder van Oriah Maria. Ze vindt het leven een snoepje en gebruikt haar optimisme en levenskracht om te coachen en te trainen (NLP en Enneagram voor het trainingsinstituut TweeVoorTwaalf). catherine@tweevoortwaalf.be

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Basic HTML is allowed. Your email address will not be published.

Subscribe to this comment feed via RSS

%d bloggers liken dit: